Enkellaarsjes met broek dragen: zo doe je het goed

Geschreven door Yvette

Enkellaarsjes draag je met een broek het mooist als je een stukje huid of broekstof zichtbaar laat net boven de schacht. Dat geeft de look een lichte, gebalanceerde verhouding. Hoe je dat het beste aanpakt, hangt af van de pasvorm van je broek en de breedte van je laarsjes. Hieronder vind je de combinaties die werken en de valkuilen die je beter kunt vermijden.

Enkels zichtbaar: de gulden regel bij enkellaarsjes met broek

De reden dat een stukje enkel of broekstof zichtbaar moet zijn, is simpel: het geeft je been een duidelijk eindpunt. Bedek je de schacht volledig met je broek, dan verdwijnt het laarsje optisch in de stof en lijkt je been korter. Rol je broek iets op of kies voor een broek met een verkorte pijp, dan geef je de laarzen de ruimte om op te vallen.

Een verkorte of cropped broek is daarom de makkelijkste keuze. Denk aan een pijp die eindigt op de enkel of net daarboven. Zo’n 5 tot 10 centimeter vrijstaande schacht is vaak al genoeg. Je hoeft niet perse een opgerolde pijp; een strakke pijp die net boven de schacht valt werkt even goed.

Hoe draag je enkellaarsjes met broek per broektype

Skinny of strakke broek: dit is de klassieke, bijna foolproof combinatie. Een strakke pijp sluit netjes aan op de schacht van de laarzen en geeft een strakke lijn. Stop de pijp in de laars of laat hem er net overheen vallen; beide werken. Let wel op: is de schacht van je laars erg wijd en je broek erg strak, dan kan er een onhandige plooi ontstaan. In dat geval stopt je de pijp beter in de laars.

Rechte of wide-leg broek: hier wordt het iets lastiger. Een brede pijp die over een smalle enkellaars valt, laat het laarsje nauwelijks zien. Dat is zonde. De oplossing is een laarshak met wat hoogte, zodat hij onderaan toch zichtbaar blijft. Een andere optie is de pijp iets oprollen, maar dat werkt niet bij elke stof. Bij een stijve jeans lukt het goed; bij vloeiende stoffen minder. Kies bij een wide-leg broek het liefst voor een enkellaars met een stevige, hogere blokhak zodat de laars niet verloren gaat onder de stof.

Flared of uitlopende broek: deze combinatie vraagt om een hak. Een platte enkellaars onder een uitlopende pijp ziet er al snel onrustig uit. Een laarshak van minimaal 5 centimeter geeft balans en zorgt dat de broek mooi valt. De pijp bedekt de hak gedeeltelijk, maar de teen van de laars is zichtbaar. Dat is precies goed.

Geplooid of met hoge taille: een wide-leg broek met plooien combineert goed met een puntige enkellaars. De puntige neus breekt de volumineuze bovenkant visueel goed af. Kies dan wel voor een laars zonder te veel versieringen, zodat het geheel rustig blijft.

Platte zool of hak: wat past wanneer?

Platte enkellaarsjes werken het best bij een strakke of rechte broek. Bij een strakke jeans, een tapered broek of een pantalon met smalle pijp geeft een platte laars een nonchalant, casual resultaat. Combineer je ze met een bredere pijp, dan kan de look zwaar worden aan de onderkant.

Een blokhak of kitten heel past bij vrijwel elke broekpasvorm. De blokhak geeft steun en staat stoer onder een straight-leg jeans. Een kitten heel is fijner en werkt goed bij een nettere broek of een pantalon. Een stilettohak onder een brede broekpijp kan werken, maar vraagt om de rest van de outfit simpel te houden.

Veelgemaakte fouten bij deze combinatie

  • De broekpijp helemaal over de laars laten hangen, zodat er niets van de schacht zichtbaar is. Dit maakt het been korter en de laars nutteloos in het geheel.
  • Een wijde broek combineren met een platte, smalle enkellaars zonder hak. De laars verdwijnt dan visueel onder de stof.
  • Te veel stof stoppen in de laars bij een ruime broek. Dat geeft onnodige bulk rondom de enkel.
  • Sokken laten uitpiepen die niet bij de look horen. Wil je sokken zichtbaar hebben, kies dan voor een bewust contrast, bijvoorbeeld een witte sok bij een donkere laars.

Welke schachtbreedte past bij welke broek?

Een smalle schacht sluit het best aan bij een strakke of rechte broek. Een bredere of uitlopende schacht combineert juist goed met een strakke broek als tegenwicht. Dat geeft de look een interessant contrast van smal en breed. Vermijd het combineren van een brede schacht met een brede pijp, want dan stapel je volume op volume rondom de enkel.

Kortom: laat altijd een stukje van de laars zien, kies je broekpasvorm bewust op de schachtbreedte en de hakhoogte, en houd de pijp strak of verkort als je de laarzen de aandacht wilt geven die ze verdienen.

DIT VIND JE MISSCHIEN OOK LEUK